De rode kamer – M.W. Craven

Published by

on

Het najaar wordt een feest voor serielezers. Veel auteurs komen met een nieuw deel over hun favoriete personages. M.W. Craven deed dat al in augustus. Tilly en Poe maken opnieuw hun opwachting. Als kersverse privédetectives nemen ze het op tegen De rode kamer in het gelijknamige boek.

Ik zei het al: Poe en Bradshaw hebben de politie vaarwel gezegd en zijn hun eigen detectivebureau gestart. Hun eerste zaak is meteen pittig. Een vijftienjarig meisje vraagt hen haar moeder op te sporen. Ze heeft de vrouw herkend in een film en vraagt Tilly en Poe om haar te vinden. Voor ze het goed en wel beseffen komen de speurders in een weerzinwekkende wereld terecht.

Het was sluw van Craven om Poe en Bradshaw een carrièreswitch te laten maken. Nu zijn ze nog minder aan regels gebonden en aangezien Poe daar toch al een broertje aan dood had, kan hij nu helemaal losgaan. Ook Bradshaw neemt het niet altijd even nauw met de ethische codes van haar uitzonderlijke talent. Ze hackt erop los en krijgt zo telkens weer de onderste steen boven. Hoewel wat ze doet soms flirt met de geloofwaardigheid ben ik nuchter genoeg om te beseffen dat de toekomst steeds sneller dichterbij komt. Je kan alleen maar hopen dat er in het echt geen mensen rondlopen die even slim zijn als Tilly.

Het boek is perfect los te lezen, maar als je de voorgeschiedenis wel kent, dan kan je enkele oude bekenden tegen het lijf lopen. Bovendien zijn er enkele nieuwe kleurrijke personages die voor zowel spanning als humor zorgen. En uiteraard doet de chemie tussen de oud gedienden dat ook. Je kan geen Craven lezen zonder af en toe te grinniken.

Nu moet het lukken dat ik net voor dit boek een andere detective las uit een andere bekende serie en dat ik daar op den duur kon voorspellen wanneer ik zou lezen: “maar toen sloeg het noodlot / de pech toe, toen keerden de kansen …. Je kent het wel: een dader die telkens net niet gevat wordt door een glad wegdek, een aanstormende vrachtwagen of wat dan ook. Bij De rode kamer had ik net het tegenovergestelde. Elke nieuwe ontmoeting leidt tot een nieuwe aanknoping, een nieuw mysterie om op te lossen en uiteindelijk een knappe ontknoping. Doordat alles zo vlot in elkaar overvloeit, race je door het verhaal. Voor je het weet, ben je halverwege en eraan voor de moeite: stoppen met lezen is geen optie meer.

En als je niet zit te grinniken, dan zit je misschien wel te grimassen. De gangsters met wie je te maken krijgt, schrikken nergens voor terug en sommige scènes zijn wel erg expliciet. Het contrast tussen wat er gebeurt en hoe Poe hiermee omgaan in de buurt van een minderjarige, zorgt ervoor dat je nog meer respect voor hem krijgt. We wisten al dat hij eigenlijk een peperkoeken hart heeft en dat wordt in dit boek nog eens extra bewezen.

Elk nieuw verhaal in deze serie is opnieuw smullen. Craven blijft verrassen en Washington Poe en Tilly Bradshaw blijven een heerlijk complex duo. Op naar deel 9!

De rode kamer | M.W. Craven | Uitg. Luitingh-Sijthoff (2026) | 384 pp. | Vert. uit het Engels door Fons Oltheten

Met dank aan de uitgeverij voor het recensie-exemplaar.

Geef een reactie

Ontdek meer van boek&babbel

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder

Ontdek meer van boek&babbel

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder