Vandaag vroeg iemand in de bib me naar ‘een goede thriller, maar geen detective’. Bij dat soort vragen moet ik nooit lang nadenken: J.B. Barker, C.J. Tudor of Riley Sager. Ik heb ze alle drie ‘verkocht’. De laatste Barker ligt hier thuis ondertussen op mij te wachten. Daar hoor je nog van. De laatste Sager las ik net uit: Midden in de nacht.
Het verhaal
Zie het voor je: een doodlopende straat die eindigt op een keerpunt. Daarrond een aantal huizen. Iedereen kent elkaar. De vrouwen houden een dagelijks roddeluurtje, de kinderen gaan bijna als broers en zussen met elkaar om. In dit microklimaat speelt het verhaal zich af. Twee jongens van tien kamperen in een tent in de tuin. Als de zon de volgende ochtend opkomt, is het tentdoek opengesneden en een van hen is verdwenen.
De mensen zijn er bovendien erg honkvast. Dertig jaar later zijn de bewoners nog quasi dezelfde. Of ze komen terug, zoals Ethan. Sinds de verdwijning van zijn vriend lijdt hij aan slapeloosheid. De enige die niet terugkwam, is Billy. Of toch? Wie probeert anders de aandacht van Ethan te trekken en wie waart ‘s nachts door de buurt? Om zichzelf ervan te overtuigen dat hij niet langzaam gek aan het worden is, probeert Ethan te achterhalen wat er die nacht gebeurd is. Hij hoopt dat de buren hem kunnen helpen de gaten in zijn geheugen op te vullen.
Gestage spanningsopbouw
De proloog roept al een zekere spanning op, maar de beschrijving van Ethans eerste nacht terug in Hemlock Circle is nog veel verontrustender. De toon is meteen gezet. Sager neemt zijn tijd om alles gedetailleerd te beschrijven en dat zorgt ervoor dat de spanning traag opbouwt. Mondjesmaat voegt hij elementen toe. Vreemde gebeurtenissen en verdachte gedragingen lopen als een lont door het verhaal. Eerst sissen alleen maar een beetje, tot ze op een knallende ontknoping uitlopen.
Bovennatuurlijk
Net als in zijn vorige boeken stelt Riley Sager je gezonde verstand op de proef. Je begint je af te vragen of er toch geen bovennatuurlijke krachten aan het werk zijn. Een wildcamera moet uitsluitsel brengen, maar zorgt alleen voor meer vraagtekens.
Toen en nu
Sager verweeft twee verhaallijnen: 1994 en het heden. Beide werken naar een climax toe. Door precies goed te doseren sluiten de twee verhalen naadloos op elkaar aan. Je krijgt een goed beeld van de personages toen en begrijpt daardoor beter hun reacties in het heden. Bovendien krijg je inzicht in de rol die elk van hen gespeeld heeft in de verdwijning van Billy, al dan niet bewust. Net zoals je hopt van toen naar nu, ga je hierdoor ook pingpongen tussen verschillende gedachten. Telkens als je denkt te weten wat er gebeurd is, voegt Sager nieuwe elementen toe die je weer een andere richting uitsturen.
Een echte Riley Sager
Midden in de nacht heeft alles wat je van een thriller van Riley Sager kan verwachten: een vleugje bovennatuurlijk mysterie, een vlotte schrijfstijl, een verrassende plot en een flinke portie psychologische spanning. Ik heb ervan genoten. En dan vond ik dit nog niet eens de beste Riley Sager. Ik vertel jullie binnenkort alles over mijn (voorlopige) favoriet: De enige die overbleef. En over de nieuwe J.D. Barker. Dat beloofde ik hierboven al.
Midden in de nacht | Riley Sager | Uitg. Ambo|Anthos (2025) | 397 pp. | Vert. uit het Engels door Ireen Niessen
Met dank aan de uitgeverij voor het recensie-exemplaar.


Geef een reactie