Ik ben een softie. Soms krijg ik een e-mail van een debutant die graag wil dat ik zijn of haar boek recenseer. Ik kan zelden nee zeggen, want ik ben zelf nog altijd een debutant en ik zou het heerlijk vinden als iemand iets over De hand van mijn moeder zou schrijven. En toch. Meestal vloek ik achteraf, want niet zelden vragen die boeken die ik niet zelf uitgezocht heb om meer leesinspanning. Dagen zonder woorden van Hilde De Smedt dreigde er ook zo eentje te worden. Gelukkig heb ik doorgezet.
‘Het mooie aan verhalen schrijven is de traagheid waarmee je te werk kan gaan, je kan herschrijven, toevoegen en schrappen. Gesprekken gaan vaak zo snel maar in deze dialogen op papier is er tijd voor zoekend spreken, voorzichtig vorm geven aan gedachten.’
Aldus Hilde. Die traagheid is wat ik uit de verhalen vooral onthouden heb. Op de een of andere reden werd ik er rustig van.
Enkele thema’s kwamen in veel verhalen terug. Uiteraard gaan ze allemaal over woorden. Woorden zoeken, vinden, uitspreken of verbijten. Ook de afwezigheid van woorden is vaak veelzeggend. Hilde De Smedt verkent de taal in al haar vormen: in lange verhalen waar je veel tussen de regels moet lezen of korte verhalen waar in enkele woorden een heel verhaal samengebald is. Op een treffende manier weet ze gevoelens als eenzaamheid, gemis, nostalgie en radeloosheid neer te zetten. Zonder te vervallen in sentimentaliteit is er bijvoorbeeld het verhaal van een moeder met MS die langzaam afscheid moet nemen van haar man, kinderen en haar leven. Er is een man die op zoek is naar zijn verdwenen vrouw, een vrouw die rouwt om een verbroken relatie of een menigte die getuige is van een executie. Ik werd er stil van.
Opvallend is ook dat bijna elk verhaal een tuin heeft. En heel vaak is dat de tuin waar een van de personages opgegroeid is. Het ouderlijk huis, de herinnering aan ouders die verhalen vertelden en gemist worden is een terugkerend element. Andere bespiegelingen lezen dan weer als poëzie.
Ik heb bijna alle verhalen graag gelezen. Het eerste verhaal sprak mij het minst aan en dat is waarschijnlijk de reden waarom ik het boek zo lang heb laten liggen. Gelukkig heb ik toch doorgezet, want er zitten echt pareltjes tussen. De verhalen die ik minder graag gelezen heb, hadden allemaal hetzelfde wat mij tegenhield: de personages waren te onpersoonlijk (‘de man’, ‘de vrouw’ …) of ze hadden een overdaad aan hulpwerkwoorden. Dat schiep een afstand die er in de andere verhalen niet was en dat vond ik jammer. Met een actievere schrijfvorm en personages van vlees en bloed zouden ook deze verhalen helemaal tot hun recht gekomen zijn.
Wat ik onthoud, zijn de mooie beelden, de treffende zinnen en dit:
Zegt zij
Wees maar niet bang om te huilen,
het zoutgehalte in je tranen
is hoog genoeg opdat
je er niet in zou verdrinken.
Dagen zonder woorden | Hilde De Smedt | Fluxenberg (2023) | 141 pp.
Met dank aan de auteur voor het recensie-exemplaar.


Geef een reactie